Terug naar het overzicht


Terug naar de startpagina


Met de spelonderdelen uit het basisspel kan ook een coöperatief spel worden gespeeld, waarin het voor de spelers gaat om met elkaar samen te werken tegen het spel.

Deze spelvariant kan gespeeld worden met 2 tot 6 spelers.
Bij 2 spelers zijn er 4 of 6 schepen en speelt elke speler met 2 of 3 schepen.
Bij 3 spelers zijn er 3 of 6 schepen en speelt elke speler met 1 of 2 schepen.
Bij 4 of meer spelers speelt elke speler met 1 schip.


Nodig

 -   7 segmenten, waarvan een met richtingaanduiding
 -   Per speler 1, 2 of 3 schepen en bijbehorende pionnen in dezelfde kleur
 -   3 dobbelstenen (zwart, grijs en wit)
 -   18 grijze schiven, waaronder de 6 met een kleur
 -   De voorraad brandstof en vrachtjes in 6 kleuren naast het speelbord
Regenboog 01 -   De zwarte schijven naast het speelbord
 -   12 markers


Het speelbord

Leg het speelbord zoals hiernaast afgebeeld. De blauwe velden zijn openingen
tussen de segmenten. 
Neem 12 gewone grijze schijven en meng daaronder de 6 grijze kleurschijven, zo dat niet zichtbaar is, waar die zich bevinden.
Verdeel de grijze schijven over de 6 segmenten rond het middensegment (3 per segment) op de volgende manier:
De posities worden per segment gedobbeld met de 3 dobbelstenen samen. Het aantal ogen van de dobbelstenen geven de posities op het seg­ment aan. Komt een getal 2x voor, dan komt een van de schijven in het midden van dat segment. Als 3x hetzelfde aantal ogen met de dobbelstenen wordt gegooid, is de worp ongeldig en moet worden overgegooid.


Posities en kleuren

Rood is brandstof, alle andere kleuren zijn handelswaar.
Alle kleuren hebben een waarde: rood=1, oranje=2, geel=3, groen=4, blauw=5 en paars=6.
De positie op een segment komt overeen met de corresponderende kleur.
Dus positie 1 komt overeen met de kleur rood, positie twee 2 met oranje, enz.
Ook het aantal ogen van de dobbelstenen corresponderen met de kleurwaardes.


De dobbelstenen

De 3 dobbelstenen hebben ieder hun eigen rol en betekenis, gerelateerd aan de kleur van de dobbelsteen:
De witte dobbelsteen bepaalt, aan de hand van het aantal ogen wat is gegooid, welke kleur lading (brandstof of handelswaar) een speler ontvangt. In de beurt van het spel bepaalt de grijze dobbelsteen het segment en de zwarte dobbelsteen de positie binnen het op dat segment. (zie verder)
De 3 dobbelstenen samen bepalen (aan het begin van het spel en aan het begin van een nieuwe ronde) de posities van de grijze schijven.


De schepen

Gebruik het rode schip met de kleine rode pion en het gele schip met de kleine gele pion
Neem voor de overige schepen die meedoen in het spel de witte schepen en zet van de overige setjes pionnen er 1 op het schip en 1 op het speelbord. Voor elk schip wordt dus een afzonderlijke kleur gebruikt.

 

Doel

Lever als gezamenlijke spelers in het midden 12 regenboogjes in.
Een regenboogje bestaat uit een setje van 6 blokjes in 6 verschillende kleuren.

 

Start

Alle spelers starten in het midden van verschillende randsegmenten met één schip met daarop 12 brandstof.
Als er 2 spelers zijn, kan met 4 of 6 verschillende schepen worden gespeeld.
Als er 3 spelers zijn, kan met 6 verschillende schepen worden gespeeld.
Elke speler bedient dan twee (of drie) verschillende schepen vanaf verschillende segmenten.
Alle spelers doen in hun beurt één of 2 handelingen (reizen en/of handelen). Er is geen beurtvolgorde.
Als alle spelers hun zet hebben gedaan, is het spel aan de beurt.

 

De beurt van de spelers

De beurt van een speler bestaat uit 1 of 2 delen.
Deze moeten in volgorde worden uitgevoerd (eerst eventueel reizen, dan eventueel handelen).

Deel 1: Reizen
Reizen kost rode brandstof. Eén stap kost 1 rood, 2 stappen kost 3 rood, 3 stappen kost 6 rood, enz.
Zonder brandstof op zijn schip kan een speler niet verder reizen en zal hij moeten worden opgehaald door een andere speler.
Als een speler van een zwarte blokkade afstapt, kost dat 3 rode brandstof (zie verderop).
Komt de speler aan op een leeg veld, dan is er geen deel 2 van de beurt mogelijk en eindigt de beurt van deze speler. Als een speler van een zwarte blokkade afstapt, kost dat 3 rode brandstof (zie 2e voorbeeld bij 'Opruimen van blokkades').

Samenreizen: Als 2 of meer spelers op hetzelfde veld staan, mogen zij met elkaar meereizen. Dat wil zeggen: als een van de spelers reist, mag/mogen de andere(n) gratis meereizen. Omdat alle spelers één zet hebben, kan daarna de andere speler ook reizen en de eerste speler meenemen. Meereizen is niet verplicht; dit gebeurt op basis van overleg.

Een speler mag ook besluiten deel 1 van zijn beurt over te slaan en dus te blijven staan, om vervolgens bv. nog een keer maximaal 6 handelswaar in te laden.

Deel 2: Handelen
Bij aankomst op een veld met een grijze schijf wordt deze eerst omgedraaid.
Is deze blanco, dan dobbelt de speler met de witte dobbelsteen en ontvangt hij in zijn schip 1 blokje in de kleur die correspondeert met de waarde van de dobbelsteen (1 = rood, 2 = oranje, enz.) De grijze schijf wordt daarna verwijderd van het bord.
Is de onderkant gekleurd, dan mag de speler per beurt maximaal 6 blokjes van die kleur in zijn schip inladen. Deze schijf blijft op het speelbord liggen met de kleur naar boven. Iedere speler die daar na reizen aankomt of al staat, mag per beurt maximaal 6 blokjes van die kleur in zijn schip inladen.

Als 2 spelers op dezelfde locatie staan, mag er onbeperkt brandstof en/of vracht uit de schepen worden uitgewisseld. Dit gebeurt op basis van overleg. Dit uitwisselen is mogelijk zolang beide spelers op dezelfde locatie staan en kost geen beurt.

 

Het centrum van het speelbord

Het midden van het middensegment is een brandstofpunt. Hier ligt een rode schijf, die dezelfde functie heeft als twee rode blokjes op elkaar en waar een speler per beurt maximaal 6 rode blokjes kan inladen.

 

De beurt van het spel

Als alle spelers hun zet hebben gedaan, wordt er 2x gegooid met de zwarte en grijze dobbelsteen.
Per worp bepaalt het aantal ogen van de grijze dobbelsteen het segment rond het midden, dat van de zwarte de positie op dat segment. Hier wordt een zwart schijfje neergelegd, dat als blokkade geldt. Er komen dus in de beurt van het spel twee blokkades bij.

Voorbeeld:
Bij een worp van 5 met de zwarte en 6 met de grijze dobbelsteen komt de zwarte schijf terecht op veld X (segment 5, positie 6) van het bovenaan afgebeelde speelbord.

Op deze plaats komt dus een zwarte schijf, ongeacht of dit een leeg veld is of dat er al een andere zwarte of grijze schijf ligt, of een al ontdekte gekleurde schijf. In dat geval komt de zwarte schijf er bovenop en is een eventuele grijze schijf geblokkeerd.
Door de beurt van het spel kan er een zwarte schijf terecht komen op de plek waar een speler staat. In dat geval wordt het zwarte schijfje onder de betreffende pion gelegd. Er kunnen ook meer spelers op één plek staan.

Er kunnen geen zwarte schijven in het midden van een segment komen.
Er kunnen meer zwarte schijven op elkaar komen te liggen.
De zwarte schijven zijn blokkades en spelers kunnen er niet overheen.
Een speler mag alleen op een zwarte schijf stappen, als hij die kan opruimen. Zie verder.
Door de beurt van het spel kan er een zwarte schijf terecht komen op de plek waar een speler staat.
In dat geval komt de zwarte schijf onder de pion van de speler te liggen.


Opruimen van blokkades

Een zwarte schijf kan worden opgeruimd door 2 blokjes in te leveren van de kleur die de positie van het zwarte blokje op dat segment aangeeft (zie 'Posities en kleuren'). Liggen er meer zwarte schijven op elkaar, dan moeten per zwarte schijf 2 blokjes van die kleur worden ingeleverd.

Een speler die op een zwarte schijf aankomt, moet deze direct opruimen door 2 blokjes van de gevraagde kleur in te leveren, anders mag hij er niet heen. Staat hij er al, omdat er een blokkade op deze plek is gekomen en kan hij dat niet, dan kost het 3 rode brandstof om van de blokkade naar een van de aangrenzende velden te gaan.

Voorbeelden:
Een speler mag dus alleen op een zwarte schijf stappen, als hij minimaal 2 blokjes in de gevraagde kleur bij zich heeft. Die levert hij in en verwijdert vervolgens de (bovenste) zwarte schijf. 
Ligt daaronder nog een zwarte schijf en kan hij die niet verwijderen, dan kost het in zijn volgende beurt 3 rode brandstof om eraf te springen.

Een zwarte schijf op positie 6 van een segment (zoals in het voorbeeld aangegeven met X) betekent 2 paarse blokjes inleveren om hem op te ruimen.
Als er een grijze schijf onder een verwijderde zwarte schijf ligt, mag deze direct worden bekeken en gehandeld volgens de bij 'De beurt van de spelers' onder deel 2 beschreven regels.

Drie zwarte schijven op positie 2 van het segment, betekent 6 oranje blokjes inleveren om ze op te ruimen.
Als een speler in deze situatie slechts 4 oranje blokjes inlevert, mogen er 2 zwarte schijfjes worden verwijderd en blijft de laatste liggen. De speler moet in zijn volgende beurt(en) wachten op een andere speler, die aansluit en de laatste 2 oranje blokjes inlevert om de zwarte schijf op te ruimen, of hij moet in zijn volgende beurt 3 rode brandstof betalen om van de blokkade af te komen.


Een regenboogje inleveren

Een regenboogje is een setje van 6 blokjes in 6 verschillende kleuren. Zodra één speler of meerdere spelers gezamenlijk in het midden staan en (gezamenlijk) een regenboogje op hun schip of schepen hebben, mogen zij dit inleveren en hebben de spelers hun eerste punt. Er kunnen meerdere regenboogjes tegelijk worden ingeleverd. Een ingeleverd regenboogje wordt gemarkeerd met een marker in één van de gaten rond het middensegment.


Een nieuwe ronde

Zodra er na een beurt van het spel, geen grijze schijven meer zichtbaar zijn, stopt het spel tijdelijk en begint een nieuwe ronde. De grijze schijven die onder een zwarte schijf liggen worden als onzichtbaar beschouwd.
Alle zichtbare gekleurde schijven worden van het speelboord gehaald. Alle grijze schijven die onder een zwarte schijf liggen - ook de gekleurde die ontdekt zijn - blijven op het speelbord liggen.
Ook alle zwarte schijven blijven liggen.
De spelers blijven daar staan, waar ze op dat moment op het speelbord zijn.
De gewone grijze schijven worden weer blind met de gekleurde grijze schijven gemengd en opnieuw verdeeld over de 6 segmenten rond het midden. Er komen 3 grijze schijven per segment (dus waar al een grijze of gekleurde schijf onder een zwarte ligt, komen slechts 2 nieuwe grijze schijven op dat segment).
Zodra de grijze schijven opnieuw geplaatst zijn, gaat het spel verder.

Let op:
Er kunnen grijze schijven op de posities van spelerspionnen terecht komen. Deze worden onder de pion gelegd. Zodra alle grijze schijven opnieuw zijn geplaatst, mogen deze worden bekeken en mag er direct worden gehandeld volgens de bij 'De beurt van de spelers' onder deel 2 beschreven regels. Dit is geen beurt.


Einde van het spel

Zodra alle gaten rond het middensegment 2 markers hebben, zijn er 12 regenboogjes ingeleverd en eindigt het spel. De spelers hebben gewonnen. Slagen zij daar niet in en lopen zij vast, dan hebben zij verloren.

Opmerking: Je zou kunnen stellen, dat als er in elk gat één marker ligt, de spelers de opdracht half hebben uitgevoerd. Dit zou een moment kunnen zijn om even te overleggen, hoe ze de tweede helft gaan aanpakken.


Omdat er steeds vervuiling in de vorm van zwarte schijven bijkomt zullen de spelers steeds meer gehinderd worden in hun bewegingen over het speelbord. Daarom is het van belang samen te werken en de zwarte blokkades op te ruimen, om ervoor te zorgen dat het doel van het spel kan worden gehaald.

 

Variaties

Er kan ook gespeeld worden met witte brandstof. Rood is dan geen brandstof, maar vracht.
Hiervoor is dan de uitbreidingsset met witte blokjes nodig.

Voor een groter speelbord (minimaal 4 spelers) kan het hieronder afgebeelde speelbord worden gebruikt.
Voor deze variant is materiaal uit de uitbreidingsset voor 3-4 spelers nodig.


Regenboog 02

 

In deze variant moeten 3 dobbelstenen worden gebruikt, als het spel aan de beurt is: zwart, wit en grijs.

Let op: Met dit speelbord is het wat ingewikkelder om de blokkades op de juiste posities te leggen. Lees daarvoor de onderstaande uitleg goed door.

De zwarte dobbelsteen bepaalt de sector. De sectoren zijn genummerd in de richtingen zoals aangegeven op het middensegment. De 6 segmenten in de binnenring, direct aangrenzend aan het middensegment zijn de middelpunten van de sector (in de onderstaande voorbeelden aangeduid met het eerste cijfer)

 Regenboog sector 1  Regenboog 2b  Regenboog 2c
sector 1   sector 2    sector 3

 

De witte dobbelsteen bepaalt het segment in de sector conform de richtingaanduiding op het middensegment. (in de bovenstaande voorbeelden aangeduid met het tweede cijfer)

Let op:
Het segment aangeduid met 2-2 is dus hetzelfde als 1-3 en 3-1, het segment met 3-3 is hetzelfde als 2-4 en 4-2, enz.
Het middensegment zelf is deel van alle sectoren (segment 4 van sector 1, segment 5 van sector 2,
segment 6 van sector 3, segment 1 van sector 4, segment 2 van sector en segment 3 van sector 6).

De grijze dobbelsteen bepaalt de positie op dat segment, eveneens conform de richtingaanduiding op het middensegment.

Opmerking:
Omdat de segmenten 1 in de 1e sector, 2 in de 2e sector, 3 in de 3e sector, enz. (als met de zwarte en witte dobbelsteen hetzelfde aantal ogen wordt gegooid) niet bestaan, wordt het middensegment van de betreffende sector als dat segment beschouwd (in het voorbeeld aangeduid met 1-1, 2-2, 3-3, enz.)

 

Terug naar het overzicht

Spelregels van De Regenboog - printversie


Terug naar START